Vlam in de pan?!

Vlam in de pan?!

Op 28 november 2007 is een pand volledig afgebrand. De eigenaren van het pand waren ten tijde van de brand onderverzekerd, omdat zij het pand juist aanzienlijk aan het verbouwen waren en zij hun verzekering hier nog niet op hadden aangepast. Zij hebben de huurster, die een gedeelte van het pand huurde, aangesproken voor de schade die zij niet van hun verzekeraar vergoed kregen. Zij menen dat de huurster – althans haar verzekeraar – gehouden is deze schade te vergoeden, omdat zij voorafgaande aan de brand haar woning onbeheerd zou hebben achtergelaten terwijl er pannen op het vuur stonden en de brand hierdoor zou zijn ontstaan.

Oorzaak brand

Experts hebben de oorzaak van de brand niet onomstotelijk kunnen vaststellen. Eén van de experts concludeert wel dat de brand in de keuken van huurster is ontstaan en dat hoogstwaarschijnlijk vuur in de pan is geslagen, waarna de gordijnen in brand zijn geraakt.

Huurster moet schade vergoeden

De rechtbank heeft geoordeeld dat door de handelswijze van huurster de brand is ontstaan en zij aansprakelijk is voor de schade van de eigenaren. Zowel de eigenaren als de huurster hebben hoger beroep ingesteld. De eigenaren omdat ze het niet ermee eens waren dat enkele schadeposten door de rechtbank waren afgewezen, huurster omdat zij zich niet kon vinden in het oordeel van de rechtbank over de aansprakelijkheid en de toewijzing van bepaalde schadeposten.

Verzekerde ander belang dan verzekeraar

Uit de stukken blijkt overigens dat huurster, die familie is van de eigenaren, zich eigenlijk zelf wel in het oordeel van de rechtbank kon vinden. Het door huurster ingestelde hoger beroep kwam uit de koker van de aansprakelijkheidsverzekeraar van huurster, die in feite degene was die de schade moest vergoeden.

Hof acht causaal verband niet bewezen

In hoger beroep is nader onderzoek gedaan naar de oorzaak van de brand. In hoger beroep is vast komen te staan dat de brand in de keuken is ontstaan, huurster in de keuken eten aan het koken was toen zij het huis verliet, een onderzoeker na de brand heeft geconstateerd dat drie gaskranen openstonden, een deskundige heeft geoordeeld dat de meest aannemelijke oorzaak van de brand is dat de vlam is geslagen in een pan met jus, vet of olie en dat een andere oorzaak van de brand niet geheel kan worden uitgesloten, maar dat concrete aanwijzingen voor een andere oorzaak ontbreken. Ondanks het voorgaande heeft het hof toch geoordeeld dat dat de oorzaak van de brand niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld, en dat hierdoor het causaal verband tussen de handelswijze van huurster en de brand niet is komen vast te staan met als gevolg dat de vorderingen van de eigenaren zijn afgewezen.

Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof

In cassatie wordt tegen dit oordeel volgens de Hoge Raad terecht geklaagd (ECLI:NL:HR:2017:1353). De Hoge Raad acht het oordeel van het hof zonder nadere motivering onbegrijpelijk, nu uit de genoemde omstandigheden zonder meer kan volgen dat de brand is veroorzaakt doordat de vlam is geslagen in een pan met brandbaar materiaal en het hof niet in de motivering van zijn oordeel heeft betrokken hoe waarschijnlijk het is dat de brand door een andere oorzaak is ontstaan.